De Werkgroep ontwikkelingssamenwerking Alblasserwaard Vijfheereenlanden (WAV) zoekt naar een milieu- en natuurvriendelijke bedrijfsvoering. Vaak is er een verband tussen Derde Wereld- en milieuproblemen.
Ontstaan
Na een discussieavond over honger in de Derde wereld, in 1983, besloot een groep Zuid-Hollandse boeren een werkgroep op te richten: de WAV, Werkgroep ontwikkelingssamenwerking Alblasserwaard/Vijfheerenlanden. Om concreet iets te doen aan de ellende in de Derde Wereld zamelden zij geld in voor waterpompen in Sri Lanka en Bangladesh. Maar geld geven alleen bevredigde niet. De boeren kregen behoefte aan een intensiever, persoonlijk contact met mensen uit de Derde wereld.
Via de COZAC (stichting ter bevordering van COntacten met Zuid-Amerika en het Caraïbische gebied) kwamen zij in contact met boeren in Colombia, Venezuela en de Antillen. In 1985 was er een workshop in Nederland, waar de boeren uit Noord en Zuid elkaar ontmoetten en ervaringen uitwisselden.
Daarna volgde een bezoek aan enkele boerderijen van de WAV.
Een van de boeren herinnert zich: “Ook bij mij kwamen ze langs. Toen zei die man uit Venezuela hier in de melkput: ‘Ik begrijp er niets van. Veertien dagen heb ik met jullie gediscussieerd en jullie zeggen dat jullie teveel melk hebben en teveel mest en teveel techniek. En ik zie niets anders dan techniek en stront in de bak.’ Hij stond met zijn handen in het haar. ‘Ik begrijp er niks van’, zei hij.
Ik dacht dat de man dat in zijn simpelheid zei, dat hij de werking van de techniek niet begreep. Later hoorde ik dat hij meerdere gedichtenbundels geschreven had. Als praktizerende boer. Dan vraag je je af, wie is er nou meer waard? Ik met mijn techniek, of hij met zijn kleinschalige bedrijf, waar hij ontzettend veel plezier in had, contact met de grote natuur en noem maar op. En daar wat van verwoorden kon.”
De boeren besloten gezamenlijk, ieder in hun eigen land, aan een alternatieve ontwikkeling te werken. De WAV ging op zoek naar een milieu- en natuurvriendelijke bedrijfsvoering. Waarbij ieder bedrijf verschillende mogelijkheden en iedere boer verschillende interesses bleek te hebben.
Jaarlijks bleven ze een plaatselijke avond over het wereldvoedselprobleem organiseren en bleven ze intensief contact houden met hun vrienden in Zuid- en Midden-Amerika. In 1989 gingen ze zelfs op bezoek in Colombia. In 1991 zijn drie boeren overgestapt op de biologische landbouw. Anderen richtten zich op de kleinschalige, lokale produktie van veenweidekaas, weer anderen op een natuurvriendelijke bedrijfsvoering die ook het plaatselijke, eeuwenoude cultuurlandschap in tact laat.
